3 | Woning­voorraad 

Ymere-de Eenhoorn
Ongeveer vier op de tien woningen in Amsterdam is eigendom van een woningcorporatie. In 2020 is de voorraad van 165.676 zelfstandige sociale huurwoningen nagenoeg onveranderd gebleven. In totaal zijn 1.373 sociale huurwoningen toegevoegd aan de voorraad, vrijwel allemaal via nieuwbouw. Daar tegenover staat dat 1.383 sociale huurwoningen door verkoop, liberalisatie en sloop uit de voorraad zijn gehaald.

Bezit corporaties
De Amsterdamse woningcorporaties bezitten per 1 januari 2021 in totaal 185.342 woningen in Amsterdam. Veruit de meeste van deze woningen (175.978) zijn zelfstandige woningen. Deze woningen vormen ongeveer 39% van de totale Amsterdamse woningvoorraad. Daarnaast hebben de corporaties 9.364 onzelfstandige woningen in bezit.

Jarenlang was sprake van een daling van het aantal corporatiewoningen, als gevolg van verkoop en sloop. Vijf jaar geleden kwam er een einde aan die daling. Wel zijn door de administratieve scheiding van woningcorporaties als gevolg van de nieuwe Woningwet corporatiewoningen overgeheveld van de toegelaten instellingen naar gelieerde vennootschappen. Deze woningen worden in dit jaarbericht niet tot de voorraad corporatiewoningen gerekend.

De tabellen en figuren hebben een interactief karakter.
Zie colofon (hst 10) voor uitleg.

TABEL 1
Corporatiebezit* t.o.v. totale woningvoorraad per stadsdeel op 1 januari 2021

 Onzelfstandige
eenheden
**
Zelfstandige
woningen
***
Zelfstandige
sociale
huurwoningen
Totaal
corporatiebezit
Totale
voorraad
****
Zelfstandige
corporatiewoningen
/ totale voorraad
Zelfstandige
sociale huur
/ totale voorraad
Centrum2.79814.70613.76317.50455.09527%25%
Westpoort0000300%0%
West1.24329.28527.80630.52880.73036%34%
Nieuw-West1.49233.36431.35734.85670.41747%45%
Zuid59320.87219.56321.46582.33425%24%
Oost1.52030.43828.26431.95872.79542%39%
Noord61225.81324.34126.42546.44256%52%
Zuidoost1.10621.50020.58222.60642.13951%49%
Totaal9.364175.978165.676185.342449.98239%37%

* Woningen in BV’s van de corporaties worden vanaf 2019 niet meer meegenomen in de telling.
** Categorie B Conform definitie DVI.
*** Categorie A Conform definitie DVI.
**** Woningvoorraad OIS. Betreft zelfstandige woningen en geclusterde onzelfstandige eenheden conform BAG registratie.
Bron: databank AFWC; gegevens kunnen afwijken van de jaarverslagen van de corporaties.

TABEL 2
Aantal woningen per corporatie per stadsdeel per 1 januari 2021*

 Totaalde AlliantieDUWODRC**Eigen Haardde KeyRochdaleStadgenootWoonzorgYmereHabion
Centrum17.5041.419592.7195.9903521.1642565.545
West30.5281.3533183.8154.2266.3006.98017.49639
Nieuw-West34.8565.4654216.8974.0334.7978.8527273.664
Zuid21.4655.279554.5741.7422.6413.0325843.558
Oost31.9584.3366581.2816.2644.9571.8634.093378.307162
Noord26.4251.7735.6782.6734.0053.69618.599
Zuidoost22.60654414.9651.9348.6972.8193683.278
Totaal185.34220.1691.5121.28134.91225.55528.65530.6361.97440.447201

* Vanaf 2019 is alleen het bezit TI weergegeven (bezit in verbinding is niet meer meegerekend).
** DRC=Duwo Rochdale Combinatie. Dit zijn woningen die DUWO en Rochdale gezamenlijk in bezit hebben.
Bron: databank AFWC; gegevens kunnen afwijken van de jaarverslagen van de corporaties.

 

 

 

 

Stadgenoot-Breehorn

Woningvoorraad naar eigendom
Ongeveer vier op de tien woningen in Amsterdam is eigendom van een woningcorporatie. Daarmee is het percentage corporatiewoningen weer terug op het niveau van begin jaren tachtig. Tot 1995 nam door nieuwbouw (stadsvernieuwing) en aankoop van particuliere huurwoningen het aandeel van corporaties in de woningvoorraad sterk toe. Midden jaren negentig bedroeg het corporatieaandeel 58%. In die tijd slonk het aandeel particuliere huurwoningen van ruim 50% naar 30%. Vanaf de jaren negentig nam het eigenwoningbezit in Amsterdam verder toe, als gevolg van nieuwbouw en verkoop van huurwoningen. Het percentage koopwoningen steeg van 11% in 1995 naar 32% in 2017.

De afgelopen jaren is sprake van groei van de particuliere huursector. Uit onderzoek van het Kadaster uit 2019 blijkt dat steeds meer particuliere beleggers woningen opkopen. Deze ontwikkeling is ook in andere grote steden in Nederland te zien. Het is nog onduidelijk of deze trend zich in coronatijd en na verhoging van de overdrachtsbelasting per 1 januari 2021 zal voortzetten.

FIGUUR 1
Amsterdam: Woningvoorraad naar eigendom in % 
| Bron: OIS Amsterdam en WiA

Ontwikkeling per stadsdeel
De afgelopen twintig jaar is de corporatievoorraad vooral afgenomen in de stadsdelen West, Noord en Zuidoost, mede als gevolg van de stedelijke vernieuwing in deze gebieden. In stadsdeel Oost nam het corporatiebezit toe door de ontwik­keling van IJburg, het Zeeburgereiland en het Science Park. In stadsdeel Centrum is het aantal corporatiewoningen de afgelopen decennia ongeveer gelijk gebleven. De laatste jaren is het aantal corporatiewoningen vooral gestegen in Noord en Nieuw- West.

FIGUUR 2
Ontwikkeling corporatiebezit per stadsdeel (2001 – 2021) (inclusief onzelfstandige eenheden en vrije sector) | Bron: Databank, AFWC

FIGUUR 3
Ontwikkeling corporatiewoningen 2001 – 2021 
| Bron: Databank, AFWC

Sociale huurwoningen
In de Samenwerkingsafspraken 2020-2023 hebben de Amsterdamse corporaties met de gemeente en de huurderskoepels de ambitieuze afspraak gemaakt de voorraad sociale huurwoningen in de periode 2020-2023 met drieduizend woningen te laten groeien; een groei van gemiddeld 750 woningen per jaar.  In 2020 is het aantal sociale huurwoningen van corporaties echter afgenomen met 10 woningen. In totaal zijn 1.373 sociale huurwoningen toegevoegd aan de voorraad, vrijwel allemaal via nieuwbouw. Daar tegenover staat dat 1.383 sociale huurwoningen uit de voorraad zijn gehaald, door verkoop (632), sloop (435) of liberalisatie (316). Dat betekent dat de komende jaren gemiddeld bijna duizend woningen per jaar netto zullen moeten worden toegevoegd om de ambitie van drieduizend extra sociale huurwoningen eind 2013 te halen. Of dit lukt is mede afhankelijk van de voortgang van een aantal grote nieuwbouwprojecten.

Huurklassen
Van alle corporatiewoningen in Amsterdam heeft 92% een huur onder de liberalisatiegrens. 22% behoort tot de goedkope voorraad (tot de kwaliteitskortingsgrens: €432), waarvoor jongeren tot 23 jaar huurtoeslag kunnen krijgen. Veruit de meeste corporatiewoningen zijn volgens de normen voor passend toewijzen betaalbaar voor de primaire doelgroep: 72% heeft een huur onder de eerste aftoppingsgrens (€619) en 84% onder de tweede aftoppingsgrens (€663).

TABEL 3
Onderverdeling van het corporatiebezit in vijf huurklassen* per stadsdeel op 1 januari 2021

 Sociale huur
tot kwaliteits-
kortingsgrens
%Sociale huur
tot eerste aftoppingsgrens
%Sociale huur
tot tweede aftoppingsgrens
%Sociale huur
tot liberalisatiegrens
%Middeldure huur
vrije sector **
%Duurdere
huur
vrije sector
%Onbekend
***
Totaal
Centrum4.971288.38148
1.16171.6019650469544517.504
West8.0442615.528512.67492.31281.174477132530.528
Nieuw-West7.3152116.904494.110123.436102.2657338148834.856
Zuid5.4342510.343481.94291.983994148194321.465
Oost7.4222315.342483.395112.93191.852699532131.958
Noord4.3891714.030533.460132.49691.87971641726.425
Zuidoost2.9481312.885573.593161.79481.2866930722.606
Totaal40.5232293.4135120.3351116.553910.04753.8752596185.342

* De huurklasse ‘onbekend’ is in de berekening van het percentage niet meegenomen.
** Niet alle woningen met een huur boven de liberalisatiegrens zitten in de vrije huursector. Er zijn ook sociale huurwoningen die door een huurverhoging boven inflatie een huur boven deze huurgrens kunnen krijgen.
*** Het betreft hier woningen die leeg staan of tijdelijk verhuurd worden door bijvoorbeeld renovatie, verkoop of sloop.
Bron: databank AFWC; gegevens kunnen afwijken van de jaarverslagen van de corporaties.
Video
Delen

Uw naam

E-mail

Naam ontvanger

E-mail adres ontvanger

Uw bericht

Verstuur

Share

E-mail

Contact

Verstuur